Tag Archives: christendom

De grote vragen van onze tijd

18 Mar

Afgelopen Pasen was ik deelnemer aan de internationale IFES-studentencon-ferentie Undivided in Győr, Hongarije. Elke ochtend was een lezing voorzien door spreker van dienst John Lennox. Kwestie van zelf echter ook de handen uit de mouwen te steken, werd deze steevast gevolgd door een zogenaamde ‘Respond Group’ . Zoals menig polyglot onder u reeds zal vermoeden hield dit in dat op diverse manieren werd gereflecteerd over de aangeboden intellectuele kost. Ikzelf maakte deel uit van de groep met de welluidende titel ‘The Big Questions of Our Time’ . Bedoeling hiervan was dat de beschouwingen over verschillende bijbelgedeelten gerelateerd werden aan de grote vragen van onze tijd, deze laatsten democratisch gekozen door middel van een vooraf gevoerde online enquête. Deze leverde drie afgetekende trends op: uitverkoren onder-werpen waren de recentste financiële crisis in de toekomst van ons economisch stelsel, de technologische vooruitgang en zijn impact op de samenleving en tenslotte de secularisatie van onze maatschappij. Gewichtige onderwerpen voor een meute jonge studentjes, zou u met gefronste wenkbrauwen kunnen bedenken. En toch.gyor

Eventjes een simultane flashback en flashforward. Toevallig, of niet, had ik de weken voor en na de conferentie twee boeken en twee artikels gelezen die me interpelleerden: ‘Fighting Poverty’ en ‘Christian Colleges’, beiden artikels uit het gedrukte vlaggenschip van evangelisch Amerika; ‘Christianity Today’, vervolgens ‘Finance and the Good Society’ van Robert J. Shiller (Yale) en ‘Poor Economics’ van Esther Duflo en Abhijit Banerjee (MIT). Het eerste artikel bespreekt een recente reeks studies door ontwikkelingseconomen

die de zin en onzin van vele kleine ontwikkelingsprojecten bespreekt op vlak van econo-mische duurzaamheid, efficiëntie e.d. Ook ‘Poor Economics’ kadert in deze optiek, de veelzeggende ondertitel luidt immers ‘A Radical Rethinking of the Way to Fight Global Poverty’. Vervolgens behandelt ‘Finance and The Good Society’ de financiële crisis en waar ‘Christian Colleges’ over gaat lijkt me net te triviaal om te vermelden.

De kritischere lezer zal zich misschien stilaan afvragen op welke wijze de tot hiertoe neergepende kakofonie aan informatie zich relateert, vandaar een concretiserende wending in dit artikel. De thema’s waarover we hebben nagedacht hoeven naar mijn inziens niet opzienbarend te zijn, ze lijken kenmerken voor onze samenleving in haar geheel en de christenen in het bijzonder. Ondanks deze tijden van razend vooruitgangsdenken, individualisering en welvaart (zij het slecht verdeeld) is de mens angstig en onzeker. Door de financiële crisis, door een machteloos toekijken op een steeds meer door technologie bepaalde beschaving en – vooral maar niet uit-sluitend voor gelovigen in onze contreien – door de verregaande secularisatie van ons politiek landschap, en bij uitbreiding onze gehele westerse samenleving. Mijn observatie is dat de klassieke christelijke ‘oplossingsstrategie’ – ik heb het dan voornamelijk over evangelische christenen maar ik heb een vermoeden van extrapoleerbaarheid naar andere denominaties – veelal bestaat uit het opzetten van structuren die ik ‘parallelle circuits’ zou noemen. Je zou het echter, minder ingenieursgericht en meer politiek ingegeven, ook de ‘evangelische zuil’ kunnen noemen, deze politieke partijen en bewegingen, bank- en verzekeringswezen, onderwijs, jeugdbewegingen, enz… die het ‘veilige’ Christelijke alternatief bieden voor al wat in onze maatschappij verkeerd loopt. De Verenigde Staten zijn hieromtrent de absolute koplopers: christelijke universiteiten, banken, politieke bewegingen (ik nodig u uit te luisteren naar een gemiddelde verkiezings-toespraak van een Amerikaans presidentskandidaat uit welke strekking dan ook) en noem maar op. Maar ook in België vindt dit – door het iets bescheidener aantal evangelische christenen weliswaar op iets kleinere schaal – veelvuldig plaats. Bovendien heerst vaak de onbewust megalomane gedachte dat christenen de wereld op ma-terieel vlak kunnen veranderen door deze ‘parallelle circuits’. Zo is bijvoorbeeld in de VS – tot niet zo heel lang geleden de zelfverklaarde bakermat der optimisme – het geloof wijdverspreid dat christenen de armoede uit de wereld kunnen helpen, vandaar de myriaden aan micro-ontwikkelingssamenwerkingsprojecten, gaande van een geit doneren aan een Afrikaans dorpje tot een Boliviaanse uk financieel ondersteunen. Zonder dergelijke daden van met de beste be-doelingen geuite naastenliefde te willen bagatelliseren, stelt het artikel ‘Fighting Poverty’ echter wel de vaak achterliggende gedachte aan de kaak dat deze christelijke projecten de globale on-gelijkheid eventjes kunnen wegwerken. De algemene consensus lijkt tegenwoordig namelijk dat dit enkel kan door macro-economische en –politieke krachten op een hoger niveau, wat dus in tegenstelling is met de eerder vermelde redenering, waarvan trouwens op te merken valt dat deze wel heel sterk ingegeven lijkt door de klassiek-liberale theorie en het bijhorende wan-trouwen tegenover de overheid.

Concludeer hieruit echter niet dat alle projecten, zoals een waterput doneren (volgens ontwikkelingseconomen zowat het efficiëntste wat uw kerk kan doen) slecht of inefficiënt zijn en dat u met dat geld beter een pintje kan gaan drinken, maar geloof dus bij u volgende Sturm-und-Drang-gewijze beslissing om na een zondagse projectvoorstelling geld te doneren alstublieftniet dat u hiermee de Noord-Zuidkloof permanent netjes kan dicht stikken. Voor u dit boekje uit ontzetting door de papierversnipperaar haalt, wil ik nog eventjes terugkomen op de ‘parallelle circuits’ waarover ik het hierboven had, en de secularisering waarin dit kadert, om zo – met een klein cliché ter ere van wijlen pater Phil Bosmans – weerom een beetje zon door de wolken te krijgen in dit artikel. In tegenstelling tot wat u intussen misschien vermoed denk ik zeker niet dat onze christelijke organisaties volkomen nutteloos zijn (waarom zou dit artikel anders in dit boekje verschijnen?). Kerken, christelijke jeugdgroepen, e.d. laten toe een zekere eigenheid en rijpheid te ontwikkelen en weerstand te bieden aan de drang zich te conformeren aan de wereld. Waar ik u echter wel tot uitnodig is om na te den-ken over de structuren, organisaties e.d.m. waarvoor ‘wereldse’ alternatieven voorhanden zijn, en waar we ons toe richten om ons af te zonderen van de ‘wereld’.

gyo2

Mijn overtuiging – die gesterkt is in Hongarije – is dat we als christenen worden geroepen om onze maatschappij van binnenuit te veranderen. Om concreet te zijn verwijs ik in deze optiek naar het reeds genoemde boek ‘Finance and The Good Society’ (2012), een welberedeneerd betoog met als baseline het beter en eerlijker maken van ons financieel systeem door het van binnenuit te innoveren i.p.v. het te willen afbreken zoals menig ‘Occupyer’ poogt. Immers: Si tous les dégoûtés s’en vont, il n’y a que les dégoûtants qui restent. In het licht van dit alles deel ik bij deze de eigenlijke kern van mijn vraag, een vraag die me sinds Hongarije niet meer echt heeft losgelaten: hoe kunnen we als christenen op een relevante manier ‘de priesters en het koninkrijk Gods te zijn’ (Openb. 1:6) in onze samenleving? In onze evangelische zuil of elders? En, voor studenten in economische richtingen zoals ikzelf: welke mogelijkheden biedt de huidige financiële crisis hierin? Op de conferentie kwam ook Daniel 1 aan bod: hier bemerkten we de analogieën met onze actuele situatie: een wereld in crisis en een wereld met waarden die totaal verschillen aan de onze. Wat mij drijft en uitdaagt– en ik denk en hoop vele andere christelijke aspirant-economen met mij – is het vertrouwen in God dat Hij ons in deze financiële crisissituatie en samenleving van ongelijkheid en onrecht leidt om als christen in de economie en de financiële sector het zout en het licht van de wereld te zijn, i.p.v. het licht onder de korenmaat. En ik hoop dat alle andere christelijke studenten, wat hun studierichtingen en werkgebieden in de maatschappij ook moge zijn, dit vertrouwen ook mogen vinden om zich te laten leiden in hun professionele en andere activiteiten.

Michaël Rubens

Het christelijke geloof, een belofte van geluk en voorspoed?

19 Apr

La foi chrétienne, promesse de bonheur et de prospérité?

Zo luid de titel van de conferentie die Daniel Bourdanné komt geven op 26 april hier in Brussel. Van 19u30 – 21u30 komt hij spreken in het auditorium Central C op de campus van UCL-Woluwé. Iedereen is uitgenodigd en ‘t is volledig gratis. We zijn bezig om de avond van vertaling te voorzien, dus laat dat je zeker niet tegenhouden 😉

Elke dag worden we overspoeld door slecht nieuws via de media. Ondanks alles, de dagelijkse onheil van ver of dichtbij, draaien sommigen zich naar het geloof toe als bron van troost, maar ook als bron van geluk en welvaart. Is dat de boodschap van het christelijk geloof? Wat is de hoop waar het christendom ons mee aanmoedigd om ons werkelijk aan vast te binden? Kan het geloof ons doen hopen? Geeft het geluk en welvaart?

Link naar de officiële uitnodiging 

Over de spreker

Daniel Bourdanné is geboren in Chad, is getrouwd met een Nigeriaanse vrouw en ze hebben 4 kinderen. Daniel heeft gestudeerd in zowel Chad,
Cameroon, Togo, Côte d’Ivoire en Frankrijk. Hij heeft een Doctoraat behaalt aan de Universiteit van Abidjan in ‘animal ecology’ en is gespecialiseerd in ‘miljoenpoten’.

Sinds een paar jaar is hij Secretaris Generaal van IFES – International Fellowhip of Evangelical Students – en dus ‘de grote baas’ over alle IFES bewegingen in zo’n 150 landen.

Zeker de moeite waard om eens te komen luisteren! 😉